ECLI:NL:RBDHA:2026:14928
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aanvraag mvv ten onrechte afgewezen wegens strijd met discriminatieverbod en hoorplicht
Eiseres, een Marokkaanse vrouw, diende een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij haar echtgenoot in Nederland te wonen. De minister wees deze aanvraag af omdat zij niet voldeed aan het inburgeringsvereiste en niet in aanmerking kwam voor ontheffing daarvan. Eiseres stelde dat het inburgeringsvereiste discriminerend is op grond van nationaliteit en etniciteit, en dat zij ten onrechte niet is gehoord in de bezwaarprocedure.
De rechtbank overwoog dat het inburgeringsvereiste discriminatoir is in strijd met internationale verdragen zoals het EVRM, het IVUR en het Handvest van de grondrechten van de EU. Tevens concludeerde de rechtbank dat de minister onterecht heeft afgezien van een hoorzitting, terwijl dit essentieel is voor een zorgvuldige besluitvorming, zeker gezien de onduidelijkheden in het dossier over de inspanningen van eiseres.
Hoewel de minister stelde dat eiseres onvoldoende inspanningen had geleverd, vond de rechtbank dat de minister onvoldoende rekening had gehouden met haar persoonlijke omstandigheden, waaronder analfabetisme en cognitieve beperkingen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en gaf de minister zes weken om een nieuw besluit te nemen, met inachtneming van deze uitspraak. De minister werd veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de minister opgedragen een nieuw besluit te nemen.