ECLI:NL:RBDHA:2026:141
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Afghaanse Tadzjiek wegens ontbreken reëel risico bij terugkeer
Eiser, een Afghaanse Tadzjiek, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, stellende dat hij vanwege zijn etnische achtergrond, langdurig verblijf in Europa en persoonlijke omstandigheden een verhoogd risico loopt bij terugkeer naar Afghanistan. De minister wees de aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid en onvoldoende onderbouwing van het risico.
De rechtbank oordeelt dat de minister het toetsingskader ten onrechte deels op geloofwaardigheid baseerde, maar dat dit geen gevolgen heeft omdat de elementen ook in het kader van zwaarwegendheid zijn beoordeeld. De rechtbank stelt vast dat er geen sprake is van een binnenlands gewapend conflict in Afghanistan zoals bedoeld in artikel 15c van de Kwalificatierichtlijn, mede op basis van het ambtsbericht van juni 2023.
Verder is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eiser als Tadzjiek of vanwege zijn langdurige verblijf in het Westen een verhoogd risico loopt. De rechtbank benadrukt dat Tadzjieken een grote bevolkingsgroep vormen en niet collectief worden vervolgd. Ook het feit dat eiser een hulpbehoevende, alleenstaande man is, leidt niet tot een verhoogd risico. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.