Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
de minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
heeft eiser besloten om Marokko te verlaten. Vervolgens heeft hij tot 2022 in Italië gewoond. Hier had eiser van 1997 tot 2017 een werkvergunning. Eiser voelde zich herboren en vrij in Italië als homoseksueel. In Italië heeft hij een lange relatie van drie à vier jaar gehad met [persoon2] , maar zij zijn op een gegeven moment uit elkaar gegroeid. Verder heeft eiser alleen kortstondige relaties gehad. Hij bezocht in Italië geregeld feesten en discotheken met zijn homo-vriendengroep. In Nederland is eiser nog niet buiten het AZC geweest, maar hij heeft wel behoefte aan contact met andere homoseksuele mensen.
1. Identiteit, nationaliteit en herkomst
2. Seksuele gerichtheid (homoseksueel) en de daaruit voortvloeiende problemen.
7.4 De minister heeft verder mogen vinden dat eiser vaag en summier heeft verklaard over zijn gedachten en gevoelens met betrekking tot zijn geaardheid. Eiser verklaart, ondanks dat meermalen is doorgevraagd, slechts in algemene termen over zijn persoonlijke beleving en het proces van de acceptatie van zijn homoseksualiteit in Marokko. De minister heeft ter zake als voorbeeld gegeven dat eiser op de vraag waarom hij zijn geaardheid niet kon accepteren heeft geantwoord: ‘Er is in de wereld waarin ik leef geen plek is voor mensen zoals ik. Er is geen leven. Er is niks. Er is alleen maar donker’ en dat hij in een volgens gehoor gevraagd naar verduidelijking heeft geantwoord dat [persoon1] hem heeft geholpen bij de acceptatie, maar dat niet is uitgelegd hoe dan precies. Ook heeft de minister mogen betrekken dat eiser te weinig concreet heeft kunnen verklaren over hoe het was om in Marokko homoseksueel te zijn, nu dat in dat land maatschappelijk onacceptabel is. Wat in beroep is aangevoerd, leidt de rechtbank niet tot een ander oordeel.
Kennelijk ongegrond
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.B.L. Kosterman - Meijer, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 22 mei 2026.