Uitspraak
Scheiding
Beschikking op het op 23 april 2025 ingekomen verzoek van:
[de man] ,
[de vrouw] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 28 april 2025 van de zijde van de man, met als bijlage de huwelijksakte;
- het F9-formulier van 15 mei 2025 van de zijde van de man, met als bijlage het betekeningsexploot;
- het F9-formulier van 24 juni 2025 van de zijde van de man, met een aanvullend verzoek;
- het verweerschrift tevens houdende zelfstandig verzoek;
- het verweerschrift op zelfstandig verzoek tevens houdende een wijziging verzoek;
- het F9-formulier van 30 juli 2025 van de zijde van de man;
- het F9-formulier van 28 januari 2026 van de zijde van de man, met bijlagen;
- het F9-formulier van 9 maart 2026 van de zijde van de vrouw, met bijlagen;
- het F9-formulier van 13 maart 2026 van de zijde van de vrouw, met bijlage;
- het F9-formulier van 16 maart 2026 van de zijde van de man, met bijlage;
- het F9-formulier van 17 maart 2026 van de zijde van de man, met bijlage;
- het F9-formulier van 19 maart 2026 van de zijde van de vrouw, met bijlagen.
- de man met zijn advocaat;
- de vrouw met haar advocaat.
Feiten
- Partijen zijn met elkaar gehuwd op [dag] 2022 te [plaats] .
- De vrouw heeft uit een eerder huwelijk twee inmiddels meerderjarige kinderen: [naam 1] (geboren op [geboortedatum 1] 2002) en [naam 2] (geboren [geboortedatum 2] 1996). [naam 1] woonde bij partijen in de echtelijke woning en verblijft op dit moment met de vrouw in de woning.
- Partijen zijn gehuwd in beperkte gemeenschap van goederen.
- Deze rechtbank heeft op 23 mei 2025 voorlopige voorzieningen getroffen, voor zover van belang, inhoudende dat de vrouw bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning te [adres] met het bevel dat de man die woning moet verlaten en niet verder mag betreden.
Verzoek en verweer
- vaststelling van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, in die zin dat de vrouw binnen drie weken/maanden aan de man zal betalen de helft van de saldi op het peilmoment in de gezamenlijke pot en de vakantiepot welke zijn aangehouden op haar rekening bij de ING bank;
- bepaling dat de man een vergoedingsrecht heeft ter waarde van € 7.500,- en
- toedeling aan de vrouw van het huurrecht van de echtelijke woning;
- vaststelling van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, als volgt:
Beoordeling
Beslissing
€ 7.500,-;