Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Nigeriaanse derdelander die rechtmatig verbleef in Oekraïne en tijdelijke bescherming genoot in Nederland, stelde beroep in tegen het besluit van 7 februari 2024 waarin zijn tijdelijke bescherming werd beëindigd en hij werd verplicht Nederland te verlaten.
De rechtbank hield het beroep aan in afwachting van prejudiciële vragen aan het HvJ EU, die in december 2024 werden beantwoord. Vervolgens nam de minister een vervangend terugkeerbesluit op 2 juli 2025, waarin het eerdere besluit werd ingetrokken en de terugkeertermijn werd bevestigd.
Eiser voerde onder meer strijd met het gelijkheidsbeginsel, vertrouwensbeginsel en het ontbreken van een hoorzitting aan. De rechtbank oordeelde dat de tijdelijke bescherming van derdelanders Oekraïne eerder mag eindigen dan die van Oekraïners, mits niet vóór 4 maart 2024, en dat het vervangende besluit aan de Terugkeerrichtlijn voldoet.
De beroepsgronden tegen het ingetrokken besluit behoeven geen inhoudelijke bespreking. De rechtbank zag geen aanleiding het vervangende besluit onrechtmatig te achten en verklaarde het beroep ongegrond. De minister werd veroordeeld in de proceskosten van € 934.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en de minister wordt veroordeeld in de proceskosten.