ECLI:NL:RBDHA:2025:9302
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser, van Rwandese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar de minister nam de aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is. Eiser maakte bezwaar tegen het gebruik van een standaard voornemen en het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Frankrijk.
De rechtbank oordeelt dat het besluit zorgvuldig en deugdelijk is gemotiveerd, waarbij het standaard voornemen als voorbereidingshandeling dient en eiser gelegenheid kreeg om te reageren. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel is in beginsel van toepassing, tenzij eiser concreet aannemelijk maakt dat Frankrijk zijn internationale verplichtingen niet nakomt.
Eiser slaagde er niet in voldoende concrete aanwijzingen te leveren om het vermoeden te weerleggen. Ook het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening om de aanvraag aan zich te trekken werd verworpen omdat geen bijzondere individuele omstandigheden waren gesteld. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.