Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [v-nummer] , eiser
voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,verweerder
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Afghaanse asielzoeker, stelde minderjarig te zijn bij zijn asielaanvraag en gaf 2005 als geboortedatum op. Verweerder registreerde echter een geboortedatum in 2001, gebaseerd op een verklaring van eiser in Italië waar hij meerderjarig verklaarde te zijn. De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan en het vermoeden van minderjarigheid niet overtuigend heeft weerlegd.
De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer automatisch geldt bij leeftijdsbepaling en dat verweerder zorgvuldig en gemotiveerd moet omgaan met leeftijdsregistraties uit andere lidstaten. Eiser gaf een plausibele verklaring voor de discrepantie in zijn geboortedatum, namelijk dat hij in Italië een meerderjarige leeftijd heeft opgegeven om door te reizen.
De leeftijdsschouw door AVIM concludeerde unaniem dat eiser minderjarig is. Het door verweerder gebruikte document (tazkera) was onbevoegd opgemaakt en kon de meerderjarigheid niet aantonen. Gezien de consistentie in de verklaringen van eiser en het ontbreken van overtuigend bewijs voor meerderjarigheid, stelt de rechtbank de geboortedatum vast op 2005 en beveelt een nieuw besluit binnen zes weken.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiser. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige en gemotiveerde beoordeling van leeftijd bij asielaanvragen, met inachtneming van nationale en unierechtelijke normen.
Uitkomst: De rechtbank stelt de geboortedatum van eiser vast op 2005 en vernietigt het bestreden besluit.