ECLI:NL:RBDHA:2025:5988
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Den Haag wijst beroep toe op kostenvergoeding taxatierapport WOZ-zaak
In deze bestuursrechtelijke zaak staat de hoogte van de kostenvergoeding voor een taxatierapport in een WOZ-procedure centraal. Belanghebbende had bezwaar gemaakt tegen de WOZ-waarde van zijn woning en daarbij een taxatierapport overgelegd met een verzoek om vergoeding van de kosten hiervan. De heffingsambtenaar kende slechts een lagere vergoeding toe, waarna belanghebbende beroep instelde.
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende wel degelijk een procesbelang heeft bij het beroep, waarmee het beroep ontvankelijk is. De rechtbank stelt vast dat het taxatierapport voldoet aan de vereisten van een deskundigenrapport en dat de kosten redelijkerwijs zijn gemaakt. De door belanghebbende opgevoerde tijdsbesteding van twee uur voor het opstellen van het rapport wordt als aannemelijk geacht.
De rechtbank vernietigt het besluit van de heffingsambtenaar voor zover het de kostenvergoeding voor het taxatierapport betreft en stelt de vergoeding vast op €128,26. Tevens veroordeelt zij de heffingsambtenaar in de proceskosten van belanghebbende en wijst zij het betaalde griffierecht toe. De uitspraak is gedaan door rechter N.E.M. de Coninck en is in het openbaar uitgesproken op 1 april 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de heffingsambtenaar wordt veroordeeld tot vergoeding van €128,26 voor het taxatierapport en €27,21 aan proceskosten.