ECLI:NL:RBDHA:2025:5453
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing omgevingsvergunning dakopbouw appartementencomplex
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag verleende een omgevingsvergunning voor het toevoegen van een extra bouwlaag met 10 appartementen op een bestaand appartementencomplex. Eisers, bestaande uit 24 personen, stelden beroep in tegen deze vergunning. De rechtbank oordeelde dat drie eisers niet-ontvankelijk waren omdat zij onvoldoende belanghebbende waren vanwege de afstand tot het bouwplan.
De rechtbank beoordeelde dat de oude Wabo van toepassing was omdat de aanvraag vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet was ingediend. Het bouwplan overschrijdt de maximale bouwhoogte van het bestemmingsplan, maar het college maakte gebruik van de bevoegdheid om af te wijken van het bestemmingsplan op grond van het Bor. De rechtbank toetste of het besluit in overeenstemming is met het recht en oordeelde dat het college de belangen zorgvuldig heeft afgewogen.
De rechtbank verwierp de bezwaren over het welstandsadvies, het aantal woningen, het woon- en leefklimaat, parkeren en de AERIUS-berekening. Het tegenadvies van een architect werd onvoldoende deskundig geacht om het welstandsadvies te weerleggen. De rechtbank concludeerde dat het bouwplan geen onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat veroorzaakt en dat de parkeernormen juist zijn toegepast. Het beroep werd voor zover ontvankelijk ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk voor drie eisers en ongegrond voor de overige eisers; de omgevingsvergunning blijft van kracht.