ECLI:NL:RBDHA:2025:4522
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op verzoek aanvullende compensatie toeslagen
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door verweerder op haar verzoek van 3 oktober 2023 om aanvullende compensatie voor werkelijk geleden schade.
De rechtbank constateert dat de beslistermijn is overschreden en dat verweerder na ingebrekestelling niet heeft beslist. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en bepaalt dat verweerder binnen twaalf weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen. Tevens wordt een dwangsom opgelegd van € 100 per dag met een maximum van € 15.000 bij overschrijding van deze termijn.
De rechtbank volgt de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak en hanteert een wegingsfactor van 0,5 voor de proceskosten, die worden vastgesteld op € 453,50. Verweerder wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht van € 51 aan eiseres.
De rechtbank ziet geen aanleiding af te wijken van het landelijke beleid omtrent dwangsommen en beslistermijnen in dit soort zaken en verwijst naar meerdere uitspraken van de Afdeling en rechtbanken. De uitspraak is gedaan door rechter A.M. de Wit op 24 maart 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen twaalf weken een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.