Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor verblijf bij een referent. De rechtbank stelt vast dat verweerder de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, heeft overschreden zonder een besluit te nemen.
Verweerder hanteert een 'first-in first-out' principe voor de behandeling van nareisaanvragen en verzoekt om uitstel van behandeling of een ruime beslistermijn. De rechtbank wijst dit af en bepaalt dat verweerder binnen acht weken na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen, met een mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €15.000 en veroordeelt verweerder tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442, proceskosten van €453,50 en vergoeding van het griffierecht van €187. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig genomen besluit vernietigd.