In deze zaak betreft het een deelgeschil in het kader van letselschade, waarbij de verzoeker, een zelfstandig schilder, letselschade heeft opgelopen bij een verkeersongeval op 15 maart 2020. De verzoeker heeft a.s.r. aansprakelijkheid gesteld, die erkend is op 12 juni 2020. De verzoeker heeft een verbrijzelde linker pols opgelopen en heeft sindsdien niet meer als zelfstandig schilder gewerkt. Hij heeft een schadeberekening laten maken door Laumen Expertise, die de totale schade op € 1.037.437,00 heeft vastgesteld, inclusief een schadepost voor verlies van fiscale niet-verantwoorde (zwarte) inkomsten. De verzoeker vraagt de rechtbank om te bepalen dat het verlies aan neveninkomsten moet worden vastgesteld op € 18.600,00 per jaar voor een looptijd van 41 jaar, en dat er geen grond is voor voordeelstoerekening met betrekking tot de door hem opgebouwde pensioenrechten na het ongeval. A.s.r. verzet zich tegen deze verzoeken en stelt dat het opgebouwde pensioen wel degelijk voor verrekening in aanmerking komt. De rechtbank oordeelt dat er geen grond is voor voordeelstoerekening en dat de rekenrente moet worden gebaseerd op de meest recente aanbevelingen. De kosten van het deelgeschil worden begroot op € 4.410,00, te vermeerderen met btw en griffierecht.