Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiseres], V-nummer: [v-nummer 2] , eiseres,
de Minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
7.1. Verweerder mocht zich verder op het standpunt stellen dat de verblijfsvergunning van eisers niet is ingetrokken. Door eisers is namelijk niet aangetoond dat zij geen verblijfsrecht meer zouden hebben, terwijl zij wel in de gelegenheid zijn gesteld om dit te onderbouwen. Verweerder heeft daarbij mogen tegenwerpen dat niet is gebleken dat eisers enige inspanning hebben verricht om alsnog aan documenten te komen. Eisers hebben aangevoerd dat het moeilijk voor hen was om aan documenten te komen, omdat zij in bewaring zitten en omdat eiseres laaggeletterd is. Verweerder heeft mogen vinden dat van eisers mag worden verwacht dat zij meer documenten hadden overgelegd om hun verblijfsrecht in Turkije aan te tonen, ook al zitten eisers in bewaring en is eiseres laaggeletterd. Eisers hadden namelijk hulp kunnen inschakelen van hun familie dan wel hun gemachtigde. Bovendien heeft verweerder in het bestreden besluit van eiseres uiteengezet welke documenten er van eiseres verwacht konden worden [7] en tijdens het gehoor is haar uitgelegd wat het belang hiervan is. [8] Het standpunt van eiseres dat de motivering van verweerder onzorgvuldig is zonder te specificeren wat er van haar mag worden verwacht, volgt de rechtbank dan ook niet. Daarnaast is niet gebleken dat eisers te vrezen hebben voor de Turkse autoriteiten. Zij hebben ook niet aangevoerd dat zij problemen hebben met de Turkse autoriteiten. Eisers hadden zich dus ook tot de Turkse autoriteiten kunnen wenden om informatie te verkrijgen over hun verblijfsstatus.