ECLI:NL:RBDHA:2025:21901
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op aanvraag gezinshereniging
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvragen om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf voor zijn ouders, twee broertjes en zusje. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat verweerder de beslistermijn, die uiterlijk op 21 februari 2025 liep, heeft overschreden. Eiser heeft verweerder rechtsgeldig in gebreke gesteld en het beroep tijdig ingesteld.
De rechtbank stelt vast dat bij aanvragen om gezinshereniging voor asielvergunninghouders sprake is van een bijzonder geval, waardoor een langere beslistermijn dan de standaard twee weken kan worden opgelegd. Verweerder moet binnen acht weken na verzending van deze uitspraak besluiten nemen, tenzij nader onderzoek wordt ingesteld en schriftelijk wordt meegedeeld, dan geldt een termijn van twintig weken.
Verweerder wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd met een maximum van €15.000 voor het overschrijden van de termijn. Daarnaast is verweerder veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442, proceskosten van €453,50 en vergoeding van het griffierecht van €194. De uitspraak is gedaan door rechter A.C.J. van Dooijeweert op 18 november 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken te beslissen met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.