ECLI:NL:RBDHA:2025:21540
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen onrechtmatige tenuitvoerlegging maatregel van bewaring met schadeloosstelling
Eiser is op 26 oktober 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Tegen deze maatregel is beroep ingesteld, dat tevens als verzoek om schadevergoeding geldt.
De rechtbank heeft ambtshalve de rechtmatigheidsvoorwaarden van de maatregel van bewaring getoetst en vastgesteld dat eiser langer dan de toegestane 24 uur in een politiecel heeft verbleven. Dit betreft een overschrijding van vijf uur en twintig minuten, waardoor de wijze van tenuitvoerlegging onrechtmatig was.
Hoewel de maatregel zelf niet onrechtmatig is, heeft eiser recht op een schadeloosstelling van €30,- conform artikel 5 EVRM Pro en artikel 94 Vw Pro. Het beroep wordt gegrond verklaard voor dit onderdeel, terwijl het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiser, vastgesteld op €1.814,-. Het vonnis is uitgesproken door rechter E.C. Harting op 11 november 2025 te Rotterdam.
Uitkomst: Het beroep is gegrond voor de onrechtmatige tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring en eiser ontvangt een schadeloosstelling van €30,-.