ECLI:NL:RBDHA:2025:20914
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 4 juli 2025 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel is eerder door de rechtbank getoetst en als rechtmatig beoordeeld tot 12 augustus 2025. De huidige beoordeling richt zich op het voortduren van deze maatregel na die datum.
Eiser betoogt dat er geen zicht is op uitzetting naar Marokko omdat de aanvraag voor een laissez-passer (lp) onbeantwoord blijft en de minister onvoldoende voortvarend handelt. Tevens stelt eiser dat de minister een lp-traject bij de Algerijnse autoriteiten moet opstarten, aangezien eiser verklaarde uit Algerije te komen.
De rechtbank oordeelt dat er wel degelijk zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn. De minister heeft meerdere keren gerappelleerd bij de Marokkaanse autoriteiten en vertrekgesprekken gevoerd met eiser. Er is geen bewijs dat het lp-traject zal mislukken. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en het beroep wordt ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.