Uitspraak
1.ECLI:NL:RVS:2021:134.
Terugkeerbesluit
Voortvarend handelen
2.ECLI:NL:RVS:2020:829.
Ambtshalve toets
3.ECLI:NL:RVS:2024:1892.
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, betwist de rechtmatigheid van zijn ophouding en de daarop gebaseerde maatregel van bewaring. Hij stelt onder meer dat hij onjuist is opgehouden, dat zijn recht op rechtsbijstand is geschonden, en dat het terugkeerbesluit nooit rechtsgeldig aan hem is uitgereikt.
De rechtbank oordeelt dat eiser op de juiste wettelijke grondslag is opgehouden en dat zijn recht op rechtsbijstand niet is geschonden, aangezien hij contact had met een toegewezen advocaat. Het terugkeerbesluit staat in rechte vast omdat bezwaar daartegen niet tijdig is ingediend.
De minister heeft de maatregel van bewaring opgelegd op basis van zware gronden, waaronder het niet op de voorgeschreven wijze binnenkomen en het onttrekken aan toezicht. De rechtbank acht deze gronden feitelijk juist en voldoende gemotiveerd. Ook het ontbreken van een lichter middel wordt door de rechtbank aanvaard.
Verder is vastgesteld dat de minister voortvarend handelt in de uitzettingsprocedure en dat er voldoende zicht is op uitzetting naar Algerije. Ambtshalve toetsing naar non-refoulement en familiebelangen leidt niet tot een ander oordeel. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.