ECLI:NL:RBDHA:2025:16407
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet tijdig besluit machtiging voorlopig verblijf nareis gezinsleden
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf voor zijn vrouw en acht kinderen in het kader van nareis. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank oordeelt dat verweerder de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, heeft overschreden zonder besluit te nemen.
De rechtbank stelt vast dat eiser rechtsgeldig ingebreke is gesteld en het beroep tijdig is ingediend. Gezien de complexiteit van gezinshereniging bij asielvergunninghouders acht de rechtbank een langere beslistermijn passend en legt een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder een besluit moet nemen, met een mogelijkheid tot verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Daarnaast bepaalt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding, met een maximum van €15.000, en stelt vast dat verweerder reeds €1.442 aan dwangsommen heeft verbeurd. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van deze dwangsommen, de proceskosten van €453,50 en het griffierecht van €194 aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt een termijn van acht weken op voor besluitvorming met dwangsommen bij overschrijding.