ECLI:NL:RBDHA:2025:12436
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen niet tijdig besluit mvv-aanvraag nareis
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De minister van Asiel en Migratie heeft geen verweerschrift ingediend. De rechtbank heeft het verzoek om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht definitief toegewezen.
De aanvraag is ingediend op 24 juli 2024, waarna de minister uiterlijk op 22 januari 2025 had moeten beslissen. Deze termijn is verstreken zonder besluit. Eisers hebben de minister op 25 februari en 4 maart 2025 rechtsgeldig in gebreke gesteld en op 26 maart 2025 beroep ingesteld, wat tijdig was. De rechtbank acht het beroep kennelijk gegrond.
De rechtbank legt op grond van de Awb een termijn van acht weken na verzending van de uitspraak op waarbinnen de minister moet beslissen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd bij overschrijding. De minister wordt veroordeeld in de proceskosten van €453,50.
De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp op 10 juli 2025 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.