ECLI:NL:RBDHA:2024:9595
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Parkeerbelasting naheffingsaanslag terecht opgelegd wegens ontbreken vergunning en betaling
Op 15 november 2022 werd de auto van eiser geparkeerd aangetroffen zonder geldige parkeervergunning en zonder betaling van parkeerbelasting op een daartoe aangewezen parkeerplaats in Den Haag. Naar aanleiding hiervan legde de gemeente een naheffingsaanslag op van €68,50.
Eiser voerde aan dat hij slechts kort was gestopt om absenten door te geven en dat dit als laden en lossen moest worden beschouwd, of dat hij geen intentie had om te parkeren. De rechtbank oordeelde dat onder parkeren ook kort stilstaan valt en dat laden en lossen alleen geldt als het onmiddellijk en bij voortduring in- of uitladen van zaken betreft.
De bewijslast rustte op verweerder, die foto’s overlegde waaruit bleek dat geen activiteiten van laden of lossen zichtbaar waren. De rechtbank achtte deze bewijsvoering voldoende om te concluderen dat sprake was van parkeren zonder vergunning of betaling.
Omdat parkeerbelasting een objectieve belasting is, speelt opzet of schuld geen rol bij de naheffing. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting is ongegrond verklaard omdat geen sprake was van onmiddellijk laden en lossen en geen vergunning of betaling aanwezig was.