Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 12 juni 2024 in de zaak tussen
2. [verzoeker 2]
3. [verzoeker 3]
4. [verzoeker 4]
5. [verzoeker 5]
6. [verzoeker 6]
7. [verzoeker 7]
8. [verzoeker 8]
9. [verzoeker 9]
10. [verzoeker 10]
het college van burgemeester en wethouders van Zuidplas, het college
gemeente Zuidplas(vergunninghoudster).
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
– anders dan bedoeld in artikel 4, onderdelen 1 tot en met 10 – voor ten hoogste tien jaar.
– kort gezegd – geluidwerende voorzieningen worden getroffen aan de gevel van het tijdelijke woongebouw en dat maatwerkvoorschriften worden gesteld voor enkele van de omliggende bedrijven. Met deze maatwerkvoorschriften mogen de betrokken bedrijven meer geluid op de gevel van het tijdelijke woongebouw veroorzaken dan is toegestaan op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer (Activiteitenbesluit). Het college onderbouwt zijn standpunt met verwijzing naar diverse rapporten en notities die zijn opgesteld in vervolg op de uitspraak van de voorzieningenrechter van 5 september 2023. Het betreft in de eerste plaats een onderzoek van ingenieursbureau DGMR waarin wordt geconcludeerd dat de geluidwering van het tijdelijke woongebouw voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit. In een akoestisch onderzoek van de Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH) van 28 september 2023 is geconcludeerd dat de komst van het tijdelijke woongebouw – mits een aantal bedrijven maatwerkvoorschriften opgelegd krijgen – niet beperkend werkt voor omliggende bedrijven. DGMR heeft vervolgens in een notitie van 15 december 2023 geconcludeerd dat de geluidwering van de gevel ten minste 33dB moet bedragen. Ingenieursbureau Aveco de Bondt heeft in een memo van 21 december 2023 de conclusie getrokken dat het tijdelijke woongebouw akoestisch inpasbaar is mits de omliggende bedrijven door maatwerkvoorschriften ontheffing krijgen van de grenswaarden voor geluid uit het Activiteitenbesluit en de voorgeschreven geluidwerende voorzieningen aan de gevel van het tijdelijke woongebouw worden gerealiseerd. Dit rapport van Aveco de Bondt is beoordeeld en akkoord bevonden door de ODMH. Volgens de ODMH geeft het rapport een goed beeld van de situatie en de voorwaarden waaronder het mogelijk is om in de woonunits een acceptabel woon- en leefklimaat te realiseren. DGMR heeft in een notitie van 6 februari 2024 geconcludeerd dat – kort gezegd en voor zover hier van belang – bij de geluidsberekeningen ten aanzien van de geluidwerende voorziening aan de gevel van het tijdelijke woongebouw, gebruik gemaakt is van het juiste geluidsspectrum.
– kort gezegd – dat de rapporten waarop het college zich baseert niet zorgvuldig tot stand gekomen zijn, dat geen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en dat de omliggende bedrijven door de komst van het tijdelijke woongebouw beperkt zullen worden in hun bedrijfsvoering. Volgens verzoekers is daarom sprake van strijd met een goede ruimtelijke ordening en had de omgevingsvergunning geweigerd moeten worden.
– voorafgaand aan de ingebruikname van het tijdelijke woongebouw – kunnen worden vastgesteld. Verzoekers hebben niet aannemelijk gemaakt dat het niet mogelijk is deze maatwerkvoorschriften tijdig vast te stellen. Gelet hierop heeft het college zich naar voorlopig oordeel in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de realisatie van het tijdelijke woongebouw geen beperking oplevert voor de bedrijfsvoering van de omliggende bedrijven en in zoverre niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.
Het betoog van verzoekers slaagt niet.