Uitspraak
Internationale kinderontvoering
Beschikking in het kader van het op 15 januari 2024 ingekomen verzoek van:
[de vader] ,
[de moeder] ,
Procedure
Verzoek en verweer
- de onmiddellijke terugkeer van [minderjarige] te bevelen, althans uiterlijk op 15 februari 2024, althans uiterlijk op een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum, waarbij de moeder [minderjarige] dient terug te brengen naar zijn woonadres te [plaats 1] , Republiek Moldavië, [postcode] , [adres] ;
- dan wel – indien de moeder nalaat [minderjarige] terug te brengen binnen de door de rechtbank te stellen termijn – te gelasten dat de moeder de benodigde geldige reisdocumenten onmiddellijk aan de vader zal afgeven, althans uiterlijk op 15 februari 2024, althans uiterlijk op een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum, zodat hij [minderjarige] zelf mee terug kan nemen naar [plaats 1] , Republiek Moldavië;
- de moeder te veroordelen in de nader te specificeren proceskosten aan de zijde van de vader gevallen ingevolge artikel 26 lid 4 van Pro het Verdrag en artikel 13 lid 5 van Pro de Uitvoeringswet in het bijzonder de reiskosten, de advocaatkosten en [de kosten – toev. Rb] van de terugkeer van de minderjarige;