ECLI:NL:RBDHA:2024:19434
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingebrekestelling bij verlengde beslistermijn asielaanvraag
Eiser diende op 5 maart 2024 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 20 november 2022. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 20 mei 2023 eindigen, maar was door de inwerkingtreding van de WBV 2022/22 met negen maanden verlengd tot 20 februari 2024.
De rechtbank bevestigde dat deze verlenging rechtsgeldig was, gebaseerd op eerdere uitspraken waarin de situatie van artikel 42, vierde lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000 was vastgesteld. Eiser stelde de minister pas op 19 februari 2024 in gebreke, terwijl de verlengde beslistermijn toen nog niet was verstreken.
Daarom oordeelde de rechtbank dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is wegens prematuur ingediende ingebrekestelling. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter M.L. Weerkamp en griffier Ż.A. Meinert, en openbaar gemaakt op 22 november 2024.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling terwijl de beslistermijn rechtsgeldig was verlengd.