ECLI:NL:RBDHA:2024:185
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet tijdig beslissen op asielaanvraag met oplegging dwangsom
Eiser heeft op 13 januari 2022 een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel ingediend. Na meerdere keren beroep te hebben ingesteld wegens het niet tijdig beslissen, heeft de rechtbank eerder al geoordeeld dat de staatssecretaris binnen twee weken een besluit moest nemen. Ondanks deze uitspraken heeft de staatssecretaris nog steeds niet besloten, waardoor eiser opnieuw beroep instelde.
De rechtbank stelt vast dat het beroep kennelijk gegrond is en legt op grond van de jurisprudentie een rechterlijke dwangsom op. De staatssecretaris wordt opgedragen binnen acht weken na deze uitspraak een besluit te nemen, waarbij een dwangsom van € 200,- per dag geldt bij overschrijding, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de staatssecretaris in de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 437,50. De rechtbank benadrukt het belang van een zorgvuldige maar tijdige besluitvorming en wijkt af van het 8+8-wekenmodel door een kortere termijn te hanteren vanwege de overschrijding van de bovengrens van 21 maanden.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen en verbeurt een dwangsom van € 200,- per dag bij overschrijding.