ECLI:NL:RBDHA:2024:17669
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning wegens verlaten grondslag aanvraag en strijd met bestemmingsplan
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen het besluit van 15 oktober 2021 waarbij een omgevingsvergunning werd verleend voor het realiseren van een dakterras met terrasafscheidingen en het wijzigen van een achtergevelkozijn op een locatie in Leiden. Verweerder had bij het bestreden besluit ook de aanbouw waarop het dakterras zou komen, gelegaliseerd, hoewel dit niet onderdeel was van de oorspronkelijke aanvraag.
Eiser stelde dat verweerder de grondslag van de aanvraag had verlaten door niet alleen het dakterras te vergunnen maar ook de aanbouw, die niet was aangevraagd en bovendien in strijd was met het bestemmingsplan. De rechtbank oordeelde dat verweerder inderdaad de grondslag van de aanvraag had verlaten, omdat het toevoegen van de aanbouw aan de aanvraag een zodanige wijziging is dat niet meer van hetzelfde bouwplan kan worden gesproken.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en wees de aanvraag af, omdat een vergunning voor het dakterras niet kan worden verleend zonder ook af te wijken van het bestemmingsplan voor de aanbouw. Verweerder moet het griffierecht en proceskosten aan eiser vergoeden. De rechtbank wees erop dat een nieuwe aanvraag volgens de Omgevingswet moet worden behandeld.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de omgevingsvergunning en wijst de aanvraag af wegens het verlaten van de grondslag van de aanvraag.