ECLI:NL:RBDHA:2024:1548
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had de beslistermijn overschreden en gaf aan herstelverzuim te willen bieden om de aanvraag compleet te maken.
De rechtbank overweegt dat bij aanvragen om gezinshereniging voor asielgerechtigden sprake is van een bijzonder geval, waardoor een langere beslistermijn dan de standaard twee weken kan worden opgelegd. Gelet op jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State wordt een termijn van acht weken als redelijk beschouwd.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt de verweerder op binnen acht weken een besluit te nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd bij overschrijding. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht wordt aan eisers vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.