Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , V-nummer: [V nummer] , eiser (gemachtigde: mr. B.A. Palm),
de minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: mr. S. Zuithoff).
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Het bestreden besluit
Handelt de minister in strijd met het gelijkheidsbeginsel?
‘eenmaal in conflict met de Taliban blijft in conflict met de Taliban’niet kan volgen. De minister overweegt hierbij terecht dat in de eerdere asielprocedure niet is komen vast te staan dat de moord op zijn vader en broer leidt tot een gegronde vrees voor vervolging of een reëel risico op ernstige schade. De minister heeft zich ook niet ten onrechte op het standpunt gesteld dat eiser in dit kader met de brief van het ziekenhuis geen begin van bewijs heeft overgelegd ter onderbouwing van zijn relaas. Hierbij kon de minister meewegen dat er sprake is van een kopie van een handgeschreven brief die niet op echtheid kan worden gecontroleerd. Daarnaast vermeldt de inhoud van de brief niets over de toedracht van de verwondingen. Hierdoor kan de brief niet bijdragen aan de geloofwaardigheid van het door eiser gestelde en is deze brief door de minister op goede gronden niet als een begin van bewijs aangemerkt. De beroepsgrond slaagt niet.
Is er in Afghanistan sprake van een 15c-situatie?
Country Guidancevan mei 2024 - waaruit kan worden opgemaakt dat er in Kapisa, de regio waar eiser vandaan komt, confrontaties en/of geregistreerde veiligheidsincidenten plaatsvonden tussen de Taliban en de eerder genoemde gewapende groep NRF, maar dat de intensiteit van deze confrontaties en/of geregistreerde veiligheidsincidenten laag is met 65 incidenten in anderhalf jaar tijd, afgezet tegen de andere regio’s en een bevolkingsaantal van een half miljoen mensen.7 De rechtbank is daarom van oordeel dat de minister zich op het standpunt kon stellen dat in Afghanistan en/of Kapisa geen sprake is van de meest uitzonderlijke situatie, waarin de mate van willekeurig geweld zo hoog is dat een vreemdeling enkel door zijn aanwezigheid al een risico op ernstige schade loopt.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 5 juli 2024;
- draagt de minister op een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;
- veroordeelt de minister tot betaling van € 1.750,- aan proceskosten aan eiser.