Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 12 september 2024 in de zaak tussen
[naam] , verzoeker
voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,de minister
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een verzoek om voorlopige voorziening ingediend tegen een besluit van de minister van Asiel en Migratie van 7 maart 2024. Dit verzoek is ingetrokken nadat de minister op 22 mei 2024 het besluit heeft ingetrokken, waarmee hij verzoeker geheel tegemoet is gekomen.
De voorzieningenrechter heeft de minister in de gelegenheid gesteld te reageren, waarna deze aangaf bereid te zijn de proceskosten te vergoeden. De rechtbank beoordeelt dat het bestuursorgaan in een dergelijke situatie, waarbij het verzoek wordt ingetrokken vanwege tegemoetkoming, op verzoek van de indiener kan worden veroordeeld in de proceskosten.
De proceskosten worden vastgesteld op één punt van €875, de waarde van de proceshandeling van het indienen van het verzoekschrift. De voorzieningenrechter veroordeelt de minister tot betaling van dit bedrag aan verzoeker. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot betaling van €875 aan verzoeker wegens proceskosten na intrekking van het besluit.