Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is op 28 februari 2023 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het grensbewakingsbelang. Eiser stelde dat hij detentieongeschikt is en dat de maatregel onevenredig bezwarend is, mede vanwege zijn gezondheidsklachten en het feit dat zijn zwangere partner inmiddels in Nederland is aangekomen om een asielverzoek in te dienen.
Verweerder voerde aan dat het grensbewakingsbelang zwaarwegend is en dat de maatregel noodzakelijk is, waarbij de inmenging in het familie- en gezinsleven wettelijk is voorzien en de asielaanvraag van eiser afgewezen is. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de maatregel onevenredig bezwarend is of dat hij detentieongeschikt is. Ook de medische voorzieningen in het aanmeldcentrum zijn toereikend.
De rechtbank overwoog verder dat de komst van de partner geen reden is om de maatregel op te heffen, omdat het grensbewakingsbelang prevaleert en de rechtmatigheid van het afwijzende asielbesluit moet worden aangenomen zolang dit niet is vernietigd. De vraag over gezamenlijke beoordeling van de asielaanvragen en mogelijke uitzetting zonder partner valt buiten deze procedure.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.