Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 26 april 2022 een asielaanvraag in. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 26 oktober 2022 eindigen. Met de inwerkingtreding van het WBV 2022/22 op 27 september 2022 werd deze beslistermijn rechtsgeldig verlengd met negen maanden tot 26 juli 2023.
Eiser stelde op 6 februari 2023 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag en stuurde een ingebrekestelling op 20 januari 2023. De rechtbank oordeelt dat deze ingebrekestelling prematuur was omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken op dat moment.
De rechtbank volgt eerdere uitspraken waarin is geoordeeld dat de verlenging van de beslistermijn conform artikel 42, vierde lid, van de Vreemdelingenwet rechtsgeldig is. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de beslistermijn rechtsgeldig was verlengd en de ingebrekestelling prematuur was.