Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft op 16 november 2022 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 20 april 2022. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou op 20 oktober 2022 eindigen. Echter, met de inwerkingtreding van het Besluit WBV 2022/22 op 27 september 2022 is de beslistermijn rechtsgeldig verlengd met negen maanden tot 20 juli 2023.
De rechtbank heeft in eerdere uitspraken geoordeeld dat de staatssecretaris voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de verlenging gerechtvaardigd was op grond van artikel 42, vierde lid, van de Vreemdelingenwet. In deze zaak ziet de rechtbank geen reden om hiervan af te wijken. Hierdoor was de ingebrekestelling van 24 oktober 2022 te vroeg en was de beslistermijn nog niet verstreken op het moment van de ingebrekestelling.
Daarom is het beroep van eiser tegen het uitblijven van een besluit niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos en griffier J. de Winter en is openbaar gemaakt op 5 april 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen het uitblijven van een besluit op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard vanwege een rechtsgeldige verlenging van de beslistermijn.