ECLI:NL:RBDHA:2023:21374
Rechtbank Den Haag
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen buiten behandeling stellen asielaanvraag op grond van Dublinverordening ongegrond verklaard
Opposante verzet zich tegen de uitspraak van 7 oktober 2022 waarbij haar beroep tegen het besluit van de staatssecretaris om haar asielaanvraag buiten behandeling te stellen wegens de Dublinverordening kennelijk ongegrond werd verklaard.
Zij betoogt onder meer dat het zonder zitting doen van uitspraak in strijd is met artikel 27 van Pro de Dublinverordening en dat zij onvoldoende is geïnformeerd over de Dublinprocedure. Tevens stelt zij dat zij als transgender in medische transitie bijzondere zorg nodig heeft en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië niet meer kan worden aangenomen.
De rechtbank oordeelt dat het buiten zitting afdoen van de zaak niet in strijd is met het Unierecht, mede vanwege de mogelijkheid tot verzet en toetsing aan het kennelijkheidscriterium. Er is geen bewijs dat opposante in haar belangen is geschaad door het niet overhandigen van de brochure. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel blijft van toepassing, ook voor kwetsbare personen. Nieuwe feiten na de uitspraak van 7 oktober 2022 leiden niet tot twijfel over de uitkomst. Het verzet wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.