ECLI:NL:RBDHA:2023:20690
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.M. Kuipers
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de asielprocedure volgens de Dublinverordening. De rechtbank heeft het beroep op 12 december 2023 behandeld en beoordeelt of de staatssecretaris terecht heeft besloten de aanvraag niet in behandeling te nemen.
Eiser stelde dat hij in Kroatië werd mishandeld en onder slechte omstandigheden werd vastgehouden, wat bijzondere, individuele omstandigheden zou vormen die overdracht aan Kroatië van onevenredige hardheid maken. Hij verwees naar eerdere uitspraken en prejudiciële vragen over het interstatelijk vertrouwensbeginsel. De rechtbank overweegt dat het uitgangspunt is dat Kroatië zijn internationale verplichtingen nakomt en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat dit in zijn geval niet zo is.
De rechtbank oordeelt dat de verklaringen van eiser niet leiden tot het oordeel dat er fundamentele structurele tekortkomingen zijn in de asielprocedure in Kroatië. Eiser heeft ook nagelaten om in Kroatië klachten in te dienen of aan te tonen dat hulp zoeken zinloos is. Het beroep faalt ook omdat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet ondeelbaar is en de prejudiciële vragen reeds via bestaande rechtspraak kunnen worden beantwoord.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft het besluit van de staatssecretaris. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter M.M. Kuipers op 21 december 2023.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het niet in behandeling nemen van zijn asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.