ECLI:NL:RBDHA:2023:20599
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde en aanslag onroerende-zaakbelasting voor showroompand
Eiseres betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van een showroompand, gelegen aan een adres in [plaatsnaam], met een waardepeildatum van 1 januari 2021. Verweerder had de waarde vastgesteld op €504.000 via de huurwaardekapitalisatiemethode, waarbij een kapitalisatiefactor van 6 en een gemiddelde huurwaarde van €80 per m² werden gehanteerd. Eiseres stelde dat de waarde niet hoger dan €179.000 kon zijn en verwees naar haar eigen huurprijs van circa €29.988.
De rechtbank oordeelde dat de door verweerder gebruikte referentieobjecten en huurprijzen representatief en marktconform zijn, mede gezien de ligging en oppervlakte van de panden. De door eiseres opgegeven huurprijs werd niet als marktconform beschouwd, mede omdat zij het huurcontract niet wilde overleggen zonder geheimhoudingsverklaring, hetgeen niet werd gehonoreerd. Ook werd rekening gehouden met de impact van de Covid-19 pandemie, waarbij verweerder een lagere kapitalisatiefactor toepaste.
De rechtbank concludeerde dat verweerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld. Daarnaast werd geoordeeld dat artikel 40 van Pro de Wet WOZ niet is geschonden, omdat verweerder voldoende gegevens verstrekte om de waardebeschikking te controleren. Het beroep van eiseres werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde en aanslag onroerende-zaakbelasting wordt ongegrond verklaard.