ECLI:NL:RBDHA:2023:20474
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring van beroep tegen voortduren maatregel van vreemdelingenbewaring
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 17 april 2023 een maatregel van vreemdelingenbewaring opgelegd aan eiser, die van Tunesische nationaliteit is. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank heeft deze maatregel al driemaal eerder getoetst en verklaarde deze tot 22 september 2023 rechtmatig.
In de huidige procedure stond ter beoordeling of de maatregel sinds die datum nog steeds rechtmatig is. Eiser stelde dat hij meewerkt aan zijn vertrek en dat de staatssecretaris onvoldoende rekening houdt met zijn medische problematiek. De rechtbank oordeelde echter dat eiser niet actief en volledig meewerkt aan zijn uitzetting, aangezien het afgeven van vingerafdrukken en het uitspreken van intenties niet als zelfstandige handelingen gelden.
De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris zorgvuldig de belangen heeft afgewogen, inclusief de medische omstandigheden van eiser. De voortgangsrapportage toont aan dat de staatssecretaris actief werkt aan de uitzetting, onder meer door vertrekgesprekken en schriftelijke rappelleringen. De Tunesische autoriteiten werken mee aan het verstrekken van reisdocumenten, en eiser heeft de verplichting Nederland te verlaten.
Daarom is er geen reden om de maatregel van bewaring onrechtmatig te achten. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.