ECLI:NL:RBDHA:2023:20038
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Frankrijk volgens Dublinverordening
Eiser, een Eritrese asielzoeker, diende op 23 augustus 2023 een asielaanvraag in Nederland in. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Frankrijk verantwoordelijk werd geacht op grond van de Dublinverordening. Eiser stelde in beroep dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer van toepassing is vanwege structurele tekortkomingen in de Franse asielopvang, waardoor terugkeer tot schending van artikel 3 EVRM Pro zou leiden.
De rechtbank overwoog dat verweerder terecht uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, dat inhoudt dat lidstaten worden verondersteld hun internationale verplichtingen na te komen. Eiser slaagde er niet in met concrete, individuele aanwijzingen aannemelijk te maken dat hij bij overdracht aan Frankrijk een reëel risico loopt op onmenselijke behandeling. Het aangevoerde AIDA-rapport 2023 en nieuwsartikelen toonden wel problemen in de Franse opvang, maar geen structurele tekortkomingen die de hoge drempel van zwaarwegendheid overschrijden.
Ook de verwijzing naar een Duitse rechterlijke uitspraak was niet relevant voor de situatie van eiser, die alleenstaand is. Verder bleek uit de eigen verklaringen van eiser dat hij zich in Frankrijk wel degelijk heeft beklaagd over afwijzingen, wat het risico op schending van artikel 3 EVRM Pro verder vermindert. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
De uitspraak bevestigt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel blijft gelden voor Frankrijk en dat algemene problemen in het opvangsysteem niet zonder meer leiden tot een uitzondering op de Dublinverordening. De procedure werd zonder zitting afgedaan en partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot verzet tegen de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard omdat Frankrijk verantwoordelijk is en geen schending van artikel 3 EVRM aannemelijk is.