ECLI:NL:RBDHA:2023:18545
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft niet binnen de wettelijke beslistermijn van 90 dagen een besluit genomen, ondanks een verlenging en een ingebrekestelling door eiser.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is en dat de staatssecretaris binnen zestien weken na de uitspraak alsnog een besluit moet nemen. Daarbij wordt een dwangsom van €100 per dag opgelegd bij overschrijding, met een maximum van €7.500. Tevens worden de reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442 aan eiser toegekend.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van €418,50 en het griffierecht van €184. De uitspraak is gedaan door rechter B.F.Th. de Roos en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de staatssecretaris op binnen zestien weken alsnog een besluit te nemen met oplegging van dwangsommen en vergoeding van proceskosten.