ECLI:NL:RBDHA:2023:13429
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediende ingebrekestelling in asielzaak
Eiseres diende op 16 oktober 2022 een asielaanvraag in. De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou oorspronkelijk op 16 april 2023 eindigen. Met de inwerkingtreding van het Besluit WBV 2022/22 op 27 september 2022 is deze termijn met negen maanden verlengd tot 16 januari 2024. De staatssecretaris heeft aannemelijk gemaakt dat voldaan is aan de voorwaarden voor deze verlenging, zoals bepaald in artikel 42, vierde lid, van de Vreemdelingenwet.
Eiseres stelde op 21 juli 2023 een ingebrekestelling in, maar deze was prematuur omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken. Op grond van artikel 6:12, tweede lid, van de Awb kan het beroepschrift pas worden ingediend nadat het bestuursorgaan in gebreke is gesteld en twee weken zijn verstreken. De rechtbank oordeelt daarom dat het beroep niet-ontvankelijk is.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 31 augustus 2023 door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.