ECLI:NL:RBDHA:2023:11108
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen geïnformeerd dat een zitting niet nodig was en heeft het onderzoek gesloten zonder zitting, omdat partijen hier geen bezwaar tegen maakten.
Volgens de wet moet een betrokkene eerst een schriftelijke ingebrekestelling sturen aan het bestuursorgaan, waarna pas beroep kan worden ingesteld als binnen twee weken geen besluit volgt. Sinds 27 september 2022 is het besluit WBV 2022/22 van kracht, waardoor beslistermijnen voor asielaanvragen die op die datum nog niet verstreken waren, met negen maanden zijn verlengd.
Eiser betwist dat deze verlenging geldig is, maar de rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is geoordeeld dat de verlenging terecht is toegepast. Omdat eiser zijn aanvraag op 11 augustus 2022 heeft ingediend, valt zijn zaak onder deze verlenging. De beslistermijn is daarom verlengd tot uiterlijk 11 november 2023. De ingebrekestelling van 5 april 2023 is prematuur en het beroep is daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege een prematuur ingediende ingebrekestelling.