ECLI:NL:RBDHA:2022:6609
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling HTL-plaatsing en vrijheidsbeperkende maatregel voor asielzoeker na geweldsincident
Eiser, een asielzoeker, werd na een incident op 30 maart 2022 waarbij hij geweld gebruikte, door verweerder 1 geplaatst in een Handhaving en Toezichtlocatie (HTL) te Hoogeveen en door verweerder 2 een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd. Eiser betwistte het incident niet, maar stelde dat zijn gedrag voortkwam uit trauma's en de onzekere situatie sinds zijn aankomst in Nederland. Hij voerde aan dat verweerders onvoldoende rekening hielden met zijn persoonlijke omstandigheden en dat het besluit onduidelijk was over de duur.
De rechtbank oordeelde dat het incident voldoende was beschreven en dat eiser zijn stellingen over trauma en omstandigheden onvoldoende met stukken had onderbouwd. Het verweerschrift van verweerder 1, hoewel laat ingediend, schaadde de goede procesorde niet. De machtiging van de procesvertegenwoordiger was geldig. De rechtbank vond de besluiten van verweerders goed gemotiveerd en voldoende onderbouwd, waarbij ook medische bezwaren ontbraken.
Het verzoek tot aanhouding van de procedure werd afgewezen. De rechtbank concludeerde dat de HTL-plaatsing en de vrijheidsbeperkende maatregel rechtmatig waren opgelegd en wees de beroepen ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De beroepen tegen de HTL-plaatsing en vrijheidsbeperkende maatregel worden ongegrond verklaard.