ECLI:NL:RBDHA:2022:3015
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag accijns gasolie in bunkertanks motortankschip
Op 8 december 2016 voerde een controleteam een accijnscontrole uit aan boord van een motortankschip in een Nederlandse haven. Er werd een monster genomen uit een bunkertank bakboord achter, dat representatief werd geacht voor alle bunkertanks omdat deze onderling met elkaar verbonden zijn. Het laboratorium constateerde dat in het monster onvoldoende herkenningsmiddel Solvent Yellow 124 aanwezig was.
De inspecteur legde een naheffingsaanslag op wegens het voorhanden hebben van accijnsgoederen buiten een accijnsschorsingsregeling zonder betaling van accijns. Eiseres stelde dat de vrijstelling van accijns van toepassing was, maar de rechtbank oordeelde dat niet aan alle voorwaarden was voldaan, met name vanwege het ontbreken van voldoende merkstof.
De rechtbank verwierp het verweer dat het bezwaar niet-ontvankelijk zou zijn wegens te late indiening, gelet op recente jurisprudentie. Ook werd het proces-verbaal en de monstername als betrouwbaar en representatief beoordeeld. Het beroep werd ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag accijns op gasolie in de bunkertanks wordt ongegrond verklaard.