Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 maart 2022 in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Bewijs omtrent de medische situatie vreemdeling,ingevuld door de behandelaar van de kliniek, moeten overleggen zodat verweerder het Bureau Medische Advisering om advies had kunnen vragen. Daarnaast merkt verweerder op dat de kliniek geen medische maar een esthetische kliniek is. Voor zover eiser een beroep doet op het unierechtelijk evenredigheidsbeginsel, stelt verweerder dat eiser heeft nagelaten bijzondere, persoonlijke feiten en omstandigheden naar voren te brengen, zodat verweerder niet gehouden is om te beoordelen of eiser voldoet aan alle materiële vereisten.
Bewijs omtrent medische situatie vreemdelingin te brengen. Met zo’n verklaring van de behandelaar toont de vreemdeling aan dat er sprake is van een actieve medische behandeling, wat de basis vormt om advies in te winnen bij het Bureau Medische Advisering. Het formulier wat wel is ingebracht door eiser is ingevuld door de huisarts en niet door Crystel Touch Clinic. Verweerder heeft dit onvoldoende kunnen vinden, omdat eiser stelt te worden behandeld door Crystel Touch Clinic. Uit rechtspraak van de hoogste bestuursrechter volgt dat verweerder van eiser mag verwachten dat hij zo’n verklaring van al zijn behandelaars overlegt. [3] De mail en brief van Crystal Touch Clinic van 30 juni 2019, waaruit blijkt dat eiser tot 20 oktober 2020 zeven afspraken had is ook onvoldoende, omdat hieruit blijkt dat eisers medische behandeling inmiddels is afgerond. Voor zover eiser stelt mantelzorg te ontvangen, is deze stelling niet onderbouwd.