ECLI:NL:RBDHA:2022:12993
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-behandeling asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiseres, een Syrische asielzoekster, diende in Nederland een asielaanvraag in die niet in behandeling werd genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Zij betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet meer geldt vanwege tekortkomingen in het Duitse asielbeleid en risico op indirect refoulement.
De rechtbank overwoog dat verweerder mocht uitgaan van het vermoeden dat Duitsland zijn internationale verplichtingen nakomt en dat eiseres onvoldoende concrete aanwijzingen had geleverd voor een fundamenteel en evident verschil in beschermingsbeleid of voor een reëel risico op onmenselijke behandeling. Ook haar persoonlijke omstandigheden boden geen grond voor het aan zich trekken van de zaak op grond van artikel 17 Dublinverordening Pro.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat de asielaanvraag terecht niet in behandeling is genomen door Nederland. Eiseres kan zich bij problemen wenden tot de Duitse autoriteiten. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet te behandelen is ongegrond verklaard.