ECLI:NL:RBDHA:2022:11205
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen terugkeerbesluit wegens zorgvuldigheid en belangenafweging
Eiseres, met de Ghanese nationaliteit, kreeg een terugkeerbesluit opgelegd door verweerder. Zij stelde dat zij niet voldoende gelegenheid had gekregen om zich te laten bijstaan door een advocaat en haar zienswijze schriftelijk kenbaar te maken, waardoor het besluit niet zorgvuldig tot stand zou zijn gekomen. Tevens voerde zij aan dat haar persoonlijke omstandigheden onvoldoende waren meegewogen.
De rechtbank oordeelde dat eiseres vooraf was gewezen op haar recht op rechtsbijstand en dat zij ervoor koos haar advocaat niet bij het gehoor te laten aanwezig zijn. Het spoedeisende karakter van de zaak maakte schriftelijke zienswijzen onmogelijk, maar mondeling kon zij haar persoonlijke omstandigheden voldoende toelichten. De rechtbank vond geen schending van het zorgvuldigheidsbeginsel.
Daarnaast stelde de rechtbank dat verweerder niet verplicht was om in het terugkeerbesluit rekening te houden met artikel 8 EVRM Pro of uitstel van vertrek, omdat dit via een aparte verblijfsprocedure moet worden beoordeeld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard wegens voldoende zorgvuldigheid en juiste belangenafweging.