Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het opsporingsonderzoek en het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Rechtsmacht en bevoegdheid
4.Het vaststellen van de feiten
al-jaysh al-suri al-hurr), een samenwerkingsverband van gewapende groeperingen die tegen de Syrische overheid vochten met als doel het ten val brengen van het regime van Assad en het vestigen van een democratie. Dit samenwerkingsverband is ontstaan in 2011 nadat een aantal militairen uit het Syrische leger was gedeserteerd. Het Vrije Syrische leger ontbrak het echter aan centrale leiding. De groepering heeft dit in de loop van 2012 geprobeerd te verbeteren door in de gebieden waarover zij controle hadden, een militaire raad op te richten die leiderschap claimde over de groepen die in het desbetreffende gebied vochten.
Jabhat al-Nusra li-ahl al-Sham min muiahidin al-Sham fi sahat al-jihad’(Hulpfront voor het Syrische Volk van(uit) de Mujahideen van (Groot-) Syrië in de jihad arena’s)) haar oprichting door middel van een videoboodschap bekend. Aan het hoofd van Jabhat al-Nusra stond Abu Mohammed al-Jawlani. Het doel van deze strijdgroep was ook niet alleen het ten val brengen van het regime van Assad, maar ook het doden van de soldaten van Assad en de shabiha (pro-regime milities) en de vestiging van een streng islamitische staat op het grondgebied van Syrië, waar de door hen voorgestane versie van de sharia zou worden geïmplementeerd. In april 2013 bevestigde [leider 1] de band met Al-Qa’ida en legde de eed van trouw af aan Al-Qa’ida leider Al-Zawahiri.
majlis al-shura) die aan het hoofd van de organisatie stond en zowel strategisch beleid als religieuze regels vaststelde. De raad
Jaish Nusra,het leger van al-Nusra), bestaande uit commandotroepen. Daarnaast beschikte Jabhat al-Nusra over een eigen politiekorps,
as-shurta al-islamiyya,een islamitische politie die onder meer lijfstraffen en executies uitvoerde die door de shari’ah rechtbanken in het door hun bezette gebied werden uitgevoerd. Om lid te worden van Jabhat al-Nusra was een getuigschrift (
tazkiya)vereist, waarin een getuige bevestiging gaf van de eerzame reputatie van het aspirant-lid. De referent moest in kunnen staan voor de religieuze toewijding en militaire vaardigheden. Nieuwe rekruten ondergingen een training in een trainingskamp bestaande uit een religieus programma en een militair programma.
‘The elimination of the Shabih Lieutenant Colonel [slachtoffer] by the hands of the heroes of Battalion Ghuraba’a Mohassan. This Shabih was shelling the civilians with the artillery in the Dair Al-Zor airport. He received from God what he deserves.’ De politie heeft geverbaliseerd dat op de beelden een man te zien is die met een ontbloot bovenlijf en een bebloede linkerhelft van het gezicht in de richting van een rivier loopt. Vervolgens worden verschillende schoten gelost en is te zien is dat de gewonde man in het water ligt. Hij lijkt overleden te zijn.
De verlossing komt je zo tegemoet.” De verdachte zegt: “
Neem hem mee breng hem daarheen.” Dan verdwijnt de verdachte uit beeld. [Betrokkene 2] zegt: “
Naar achter het huis… neem hem naar achter het huis lopen maar.” Op de beelden is te zien dat de verdachte in zijn rechterhand een revolver vasthoudt. De groep mannen loopt vervolgens een pad af, waarbij de verdachte vooroploopt.
: “Deir ez-Zor, de plaats Mohassan tien zeven tweeduizendtwaalf.”
Jij … Daar…”.Te zien is dat de verdachte zijn revolver voor zijn mond brengt, alsof hij naar de anderen gebaart dat ze stil moeten zijn. Vervolgens richt de verdachte zich tot [slachtoffer]. [Betrokkene 2] richt zijn vuurwapen op [slachtoffer]. De politie verbaliseert dat het na minuut 07:05 lijkt alsof de verdachte [betrokkene 2], die zijn vuurwapen op [slachtoffer] heeft gericht, een teken geeft dat hij nog niets mag doen. Vervolgens stelt de verdachte [slachtoffer] verschillende vragen en stopt [betrokkene 2] met het richten van zijn vuurwapen op [slachtoffer].
: “Luitenantkolonel [slachtoffer] uit de gelederen van divisie zeventien.”
): “De terechtstelling van de verrader luitenant-kolonel [slachtoffer] door bataljon Ghuraba Muhassan en bataljon lz AI-Din al-Qassam ... dit is de beloning van elke verrader van iedereen die burgers aanvalt en burgerwoningen bombardeert.”
5.Feit 1: Plegen van een oorlogsmisdrijf
. [18] Gelet op het feit dat de tenlastelegging is toegespitst op een oorlogsmisdrijf gedurende een niet-internationaal gewapend conflict, zal de rechtbank zich bij het toetsingskader voor de vaststelling van het type gewapend conflict en beoordeling daarvan beperken tot het niet-internationaal gewapend conflict.
protracted armed violence) en de betrokken gewapende groepering(en) voldoende georganiseerd zijn. [19] Factoren die van belang kunnen zijn voor de vaststelling van de intensiteit van het geweld zijn het aantal, de duur en intensiteit van de confrontaties, de hoeveelheid en het type afgevuurde munitie, het type wapen en overig militair materieel dat wordt ingezet, het aantal slachtoffers, de omvang van de materiele schade en het aantal intern ontheemden. Ook kan betrokkenheid van de VN Veiligheidsraad een indicatie van de intensiteit van het conflict zijn. [20]
hors de combatzijn, oftewel personen die niet of niet (meer) deelnemen aan de vijandelijkheden. [26] Onder doden wordt in gemeenschappelijk artikel 3 GC Pro gedoeld op het opzettelijk doden of het veroorzaken van de dood en ‘
reckless’ doden of veroorzaken van de dood. [27]
nexus’genoemd.
nexusniet is vereist dat de gedragingen plaatsvonden in de loop van de gevechten of binnen het gebied waar daadwerkelijk de strijd plaatsvindt, voor zover de misdrijven nauw samenhangen met de vijandelijkheden. [28] Een verband is niet vereist, maar het conflict moet wel een wezenlijke rol hebben gespeeld in de mogelijkheid of beslissing om het misdrijf te plegen, de wijze waarop het misdrijf is begaan of het doel waarmee het misdrijf is begaan. [29] De strafrechtelijke aansprakelijkheid voor oorlogsmisdrijven is niet gelimiteerd tot de strijdende partijen en degenen die in nabije relatie staan met één van de partijen. [30]
nexuskan onder meer kan worden vastgesteld aan de hand van de status van het slachtoffer en de dader onder de Verdragen van Genève en de rol die zij hadden in de vijandelijkheden, of het misdrijf het (eind)doel van een militaire strategie bevordert en/of de handeling(en) zijn gepleegd als onderdeel van of in de context van de officiële taken van de dader. [31] De dader moet op de hoogte zijn van de feitelijke omstandigheden die geleid hebben tot het gewapend conflict. Niet vereist is dat de verdachte een juridische analyse heeft gemaakt of er sprake was van een (niet-)internationaal gewapend conflict. Vastgesteld dient te worden of hij of zij zich bewust was van de feitelijke omstandigheden van het gewapend conflict. Concreet overweegt het ICC hiertoe dat de verdachte zich bewust moet zijn van de vijandelijkheden tussen (ten minste twee) entiteiten, en dat deze vijandelijkheden een bepaalde intensiteit hebben en de entiteiten georganiseerd zijn. [32]
protracted armed violence.Er waren veelvuldig grootschalige militaire operaties tussen de betrokkenen, waarbij gebruik werd gemaakt van militaire wapens en explosieven. De schattingen van het aantal slachtoffers van de vijandelijkheden tot en met juli 2012 lopen uiteen van 7.928 personen tot 22.000 personen. In 2012 rapporteerde de Hoge Commissaris voor vluchtelingen van de Verenigde Naties dat het aantal ontheemden in Syrië op 2 miljoen werd geschat en meer dan een half miljoen burgers Syrië waren ontvlucht. Daarmee is voldaan aan het vereiste van een zekere mate van intensiteit van het conflict.
hors de combatzijn, een regel van het internationaal humanitair gewoonterecht.
althans in of omstreeks de periode van 1 juli 2012 tot en met 18 juli 2012, in ofnabij Mohassan
en/of Deir ez-Zor, althansin Syrië, tezamen en in vereniging met
(een)ander
(en
),
althans alleen, heeft geschonden:- gemeenschappelijk artikel 3 van Pro de Verdragen van Genève en
/ofhet internationaal humanitair gewoonterecht, doordat hij, verdachte, en
/of één of meer vanzijn mededader
(s
)in geval van een niet-internationaal gewapend conflict op het grondgebied van Syrië, jegens een persoon die
(toen
)niet
(meer)rechtstreeks aan de vijandelijkheden deelnam, te weten een persoon
van de strijdkrachten die de wapens had neergelegd, en/of een persoondie buiten gevecht was gesteld door
ziekte, verwonding,gevangenschap
of enige andere oorzaak, te weten [slachtoffer], een aanslag op het leven
en/of lichamelijke geweldpleginghebbengepleegd
(en
/of)(in het bijzonder) voornoemde persoon
hebbengedood,
en/of lichamelijke geweldplegingen
/ofdoden hierin bestond dat hij, verdachte, en/of
één of meer vanzijn mededader
(s
)meermalen,
althans eenmaalmet
(een)vuurwapen
(s
) (een)kogel
(s
)in het lichaam van voornoemde persoon
heeft/hebben geschoten, ten gevolge waarvan voornoemde persoon is overleden.
6.Feit 2: Deelname aan een terroristische organisatie: Vrijspraak
- De promotievideo van Ghuraba’a Mohassan, waarin onder andere de vlaggen van Jabhat al-Nusra en het
- Het artikel in The Guardian, waarin wordt beschreven dat Ghuraba’a Mohassan zich aangesloten heeft bij Al-Qa’ida en met behulp van explosieven van Al-Qa’ida de bomaanslag van 6 juni 2012 heeft gepleegd. In het artikel draagt de verdachte de boodschap van Jabhat al-Nusra/Al-Qa’ida uit.
- Het artikel van The Guardian en de promotievideo is door de zoon [zoon verdachte] van de verdachte op internet geplaatst, waarbij [zoon verdachte] in zijn post over het artikel in The Guardian naar zijn vader verwijst als commandant van Ghuraba’a Mohassan.
- De video van voornoemde bomaanslag, waarin te zien is dat de aanslag wordt opgeëist door een bataljon van Jabhat al-Nusra. Op de muur van het gebouw is de tekst “Ghuraba’a Mohassan Jabhat al-Nusra” aangebracht.
- De zoon [zoon verdachte] heeft op zijn Twitteraccount meermalen verwijzingen geplaatst naar zijn vader als commandant/leider van Ghuraba’a Mohassan en naar Jabhat al-Nusra. [Zoon verdachte] spreekt over de jihadveldslagen in Syrië. Hij spreekt ook over de “Mujahids van Ghuraba’a Mohassan” en over zijn vader als “Mujahid”.
- In de executievideo is de verdachte in woord en daad aanwezig als leider van Ghuraba’a Mohassan.
- In de video waarin het neerschieten van de MIG geclaimd wordt, staat de verdachte prominent vooraan naast [leider 2], de leider van de Militaire Raad.
- De vrouw van de verdachte heeft tijdens de doorzoeking gezegd: “Wat er is gebeurd in Syrië en Jabhat al-Nusra hebben we achter ons gelaten”.
- In juni 2017, terwijl de verdachte al in Nederland was, heeft hij steun betuigd aan een door de IS uitgevoerde aanslag op het parlement van Iran.
terroristischeorganisatie, vereist verder een dubbel oogmerk: er moet een oogmerk zijn tot het plegen van misdrijven met een terroristisch oogmerk. Voor een bewezenverklaring van het bestaan van een criminele terroristische organisatie moet het naaste doel dus zijn gelegen in het plegen van terroristische misdrijven.
buiten gerede twijfelvastgesteld kan worden dat Ghuraba’a Mohassan een organisatie was met een zelfstandig terroristisch oogmerk, dan wel dat deze organisatie door een samenwerking met de terroristische organisatie Jabhat al-Nusra een afgeleid terroristisch oogmerk had.
'Free Syrian Army. Battalion Ghuraba'a of Mohassan. Implemented by the reporters of Battalion ghuraba'a of Mohassan'. Het betreft een serie achter elkaar geplaatste foto’s van voornamelijk gewapende mannen, waaronder de verdachte, die achter elkaar zijn gezet met op de achtergrond gezang waarbij tussendoor (kanon)schoten en explosies te horen zijn. De video, die door de officier van justitie als promotievideo is aangeduid, maakt op de rechtbank een weinig professionele indruk. Niet vastgesteld kan worden door wie deze video is gemaakt. Wel kan uit de gedetailleerde eigenschappen van de video opgemaakt worden dat het medium is gemaakt op 18 oktober 2013 te 16:31 uur, dus ver na de oprichting van Ghuraba’a Mohassan en de van belang zijnde gebeurtenissen in dit dossier. De verdachte was rond deze periode al uit Syrië vertrokken.
tawhidgebaar maakt, maar verder wordt in de video de jihadistische strijd niet verheerlijkt of anderszins een terroristische ideologie uitgedragen. De verdachte komt meermalen in beeld op de foto’s, maar niet met kenmerken als vlaggen of gebaren van Jabhat al-Nusra.
7.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
8.De strafbaarheid van de verdachte
9.De oplegging van de straf
hors de combat,gedurende een gewapend conflict ziet op het recht op leven en de bescherming van de lichamelijke integriteit. Het verbod is dwingend recht, een regel die als zo fundamenteel voor de internationale rechtsorde wordt beschouwd, dat afwijking van de regel niet mogelijk is en de regel voorrang heeft boven andere regels van internationaal recht. Het executeren van een gevangengenomen tegenstander door de verdachte en [betrokkene 2] is niet alleen aan te merken als moord, maar ook als een flagrante schending van de geschreven en ongeschreven regels van het internationaal humanitair recht en universele rechten van de mens. De executie geeft blijk van veronachtzaming voor de fundamentele basisnormen die gelden gedurende een gewapend conflict. De rechtbank rekent de verdachte dit zwaar aan.
10.De toepasselijke wetsartikelen
- 47 van het Wetboek van Strafrecht;
- 6 van de Wet internationale misdrijven.
11.De beslissing
20 (twintig) jaren;