Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , geboren op [geboortedatum] 1996, eiser/verzoeker
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
Rechtbank Den Haag
Eiser, een burger van Congo, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) nareis als pleegkind van zijn zus, de referent, die in Nederland asiel heeft aangevraagd. De aanvraag werd door de Staatssecretaris afgewezen omdat de identiteit van de biologische ouders van eiser en de familierechtelijke relatie niet konden worden vastgesteld.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat de overgelegde documenten onvoldoende bewijs bieden. Bureau Documenten concludeerde dat de geboorteakte waarschijnlijk niet bevoegd is opgemaakt en overlijdensaktes niet de familierechtelijke relatie aantonen. Ook is het niet disproportioneel om van eiser te verlangen dat hij de identiteit van zijn biologische ouders aantoont.
De rechtbank stelt dat verweerder geen DNA-onderzoek hoefde te laten verrichten, omdat dit niet zou aantonen wie de biologische ouders zijn. Ook is geen verdere afweging gemaakt op grond van artikel 8 EVRM Pro, omdat artikel 29 Vw Pro hier geen ruimte voor biedt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf nareis wordt ongegrond verklaard.