ECLI:NL:RBDHA:2021:16775
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardige bekering tot christendom
Eiser, een Iraakse nationaliteit dragende vreemdeling, diende een vierde asielaanvraag in met als grondslag zijn bewerkte bekering tot het christendom. Verweerder achtte de identiteit en herkomst van eiser geloofwaardig, maar vond zijn bekering ongeloofwaardig en verwierp de aanvraag als ongegrond.
Eiser stelde dat de besluitvorming onzorgvuldig was, onder meer vanwege zijn laag opleidingsniveau en gezondheidsproblemen die zijn verklaringen zouden bemoeilijken. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende rekening had gehouden met het referentiekader van eiser en dat het gehoor zorgvuldig was verlopen. De persoonlijke verklaringen van eiser werden betrokken bij de beoordeling.
Verder voerde eiser aan dat zijn afvalligheid van de islam een relevant element was dat niet was meegewogen. De rechtbank volgde dit niet, omdat eiser niet praktiserend moslim was en er geen duidelijk moment van afvalligheid was vastgesteld. De rechtbank concludeerde dat de afwijzing van de aanvraag terecht was en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege ongeloofwaardige bekering en niet-relevantie van afvalligheid.