ECLI:NL:RBDHA:2020:8492
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag plaatsing in hogere LFNP-functie wegens onvoldoende bewijs niveaubepalende elementen
Eiseres heeft een aanvraag ingediend om geplaatst te worden in een hogere LFNP-functie, primair senior GGP en subsidiair operationeel begeleider A. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het beroep van eiseres behandeld en geoordeeld dat zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat haar werkzaamheden voldoen aan de niveaubepalende elementen van de gevraagde functies.
De commissie concludeerde dat eiseres geen concrete plannen van aanpak heeft opgesteld, geen zaakscoördinatie heeft verricht zoals vereist, en geen verbetervoorstellen heeft geïmplementeerd. Ook gaf eiseres wel begeleiding maar geen (vaardigheids)trainingen in de praktijk, wat essentieel is voor de functie van operationeel begeleider A. Eiseres stelde dat zij wel degelijk aan deze elementen voldeed en beriep zich op het gelijkheidsbeginsel en de organisatorische context, maar deze argumenten werden verworpen.
De rechtbank benadrukte dat de toetsing terughoudend is maar dat eiseres onvoldoende bewijs heeft geleverd. De hardheidsclausule werd niet toegepast omdat geen bijzondere individuele omstandigheden waren aangetoond. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de aanvraag tot plaatsing in een hogere LFNP-functie wegens onvoldoende aannemelijkheid van de vereiste niveaubepalende elementen.