Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser 1] ,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Ook deze beroepsgrond slaagt niet.
Rechtbank Den Haag
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om de afwijzing van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor drie kinderen van een referent, die in een polygame relatie verkeert. De kinderen zijn geboren uit het huwelijk van de referent met zijn eerste echtgenote, terwijl de referent ook een partnerrelatie heeft met een tweede vrouw, voor wie en haar kind reeds een mvv is verleend.
De rechtbank stelt vast dat de polygame situatie in Nederland in strijd is met de openbare orde en dat de Gezinsherenigingsrichtlijn lidstaten de mogelijkheid biedt om het recht op gezinshereniging te beperken in dergelijke situaties. De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht de aanvraag voor de mvv van de drie kinderen heeft afgewezen, mede omdat de moeder bij wie de kinderen verblijven in Syrië nog gehuwd is met de referent en de echtscheiding nog niet is voltrokken.
Eisers voerden aan dat de afwijzing hun recht op gezinsleven schendt en dat er sprake is van ongerechtvaardigd onderscheid tussen kinderen uit polygame en monogame relaties. De rechtbank verwerpt deze gronden, stellende dat het onderscheid objectief en redelijk gerechtvaardigd is en dat verweerder de belangen van eisers voldoende heeft meegewogen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 15 maart 2019.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf voor de kinderen in een polygame situatie wordt ongegrond verklaard.