ECLI:NL:RBDHA:2018:8781
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Terugvordering bijstand wegens verzwijgen geldtransacties via Money Transfer
Eiseres ontving sinds april 2012 bijstand als alleenstaande ouder. De gemeente Den Haag startte een onderzoek naar ongebruikelijke geldtransacties via Money Transfer en stortingen op haar bankrekening, die niet waren gemeld. Dit leidde tot herziening van de bijstandsuitkering en terugvordering van € 10.226,58, later verhoogd tot € 14.005,07 door brutering van loonheffing en premies.
Eiseres betwistte de schending van haar inlichtingenplicht en stelde dat de transacties geen eigen inkomsten betroffen, maar hulp aan derden. De rechtbank oordeelde dat de transacties en stortingen op haar rekening op geld waardeerbare arbeid waren en dat eiseres haar meldingsplicht had geschonden. Door het ontbreken van bewijs dat zij recht had op bijstand in de betrokken maanden, was de herziening terecht.
De rechtbank vond de berekening van het terugvorderingsbedrag voldoende onderbouwd en verwierp het beroep van eiseres. Ook de brutering van het bedrag werd gegrond verklaard vanwege reeds betaalde loonheffing. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de terugvordering van € 14.005,07 wegens schending van de inlichtingenplicht.